Marusjka Lestrade-Brouwer (1955) woont met haar man, 3 honden, 3 katten en 2 dwerggeiten in het buitengebied van Boxtel. Na een paar jaar in Australië te hebben doorgebracht, heeft ze van haar 5e tot 21e levensjaar in Amsterdam gewoond. Daarna 2 jaar in Rijsenhout en vanaf 1978 woont ze in Boxtel. Ze heeft 4 kinderen.

Werk

Marusjka was in de afgelopen jaren gemeentelijk projectleider van de Brede Scholen in Boxtel. Oorspronkelijk was ze werkzaam in de gezondheidszorg, ze heeft voor Amnesty International gewerkt (1982-97), was medewerker en later directeur van City Mobility (1998-2002) en heeft nu met een paar collega’s een eigen adviesbureau.

Wat wil Marusjka veranderen in Brabant?

“De komende jaren wil ik dat we in Brabant meer aandacht krijgen voor de veranderingen die op ons af komen. Dat zijn natuurlijk vergrijzing en ontgroening, maar ook klimaatverandering, technologische ontwikkelingen en internationalisering. Het is belangrijk daarin kansen te vinden en te grijpen zodat we er in Brabant van kunnen leren en profiteren. ‘Het leven is goed in het Brabantse land’, maar om het goed te laten blijven, moeten we inspelen op alle mogelijkheden die er zijn en komen. Alleen dan kunnen we het zo organiseren dat het voor iedereen, de ouderen en de jongeren, de gezinnen met kinderen en de yuppen, de boeren, burgers en buitenlui, waar ze dan ook vandaan komen, goed leven blijft in Brabant.”

Waarom is Marusjka een D66-er?

“Ik ben opgevoed in de gedachte dat autoriteit niet vanzelfsprekend is maar verdiend moet worden door inzet en kwaliteit. Geen eerbied voor iemand vanwege de titel, maar respect voor de persoon die prestaties levert. In mijn geval komt daar nog bij dat ik een afschuw heb van (o.a. door religie gekleurde) dogma’s en allergisch ben voor onaantastbaar geachte autoriteit.

Ik houd van de manier waarop nagedacht en geredeneerd wordt binnen D66, ik vind het prima om niet meteen te roepen maar eerst na te denken. Ik vind het heel belangrijk om open te staan voor nieuwe ideeën en ontwikkelingen, ook buiten de grenzen van ons eigen, o zo kleine landje. Ik ben gewoon, in hart en nieren, een D66-er.”